PSYCHOLOOG AMSTERDAM

 

ARTIKELEN

____________________________________________________________________________________________________________________

WAT IS BURNOUT EIGENLIJK?

Door: Carla Vredeveld

Dit artikel is eerder gepubliceerd op de website van Burnout-Burnin (2005).

Deze website is gewijd aan het onderwerp burnout. De meeste mensen weten bij benadering wel wat er bedoeld wordt met het begrip ‘burnout'. Burnout is een toestand waarin iemand heel weinig energie heeft en waarin het meestal niet meer lukt om allerlei activiteiten te ondernemen. Mensen met burnoutklachten zijn uitgeput, ze kunnen vaak niet meer werken, ze hebben vaak geen energie meer voor hun sociale contacten. Zelfs de eenvoudige dagelijkse dingen, zoals boodschappen doen, eten en slapen, kunnen moeilijk geworden zijn. Verder zijn mensen met burnout-klachten vaak erg gespannen, prikkelbaar, vaak ook somber en moedeloos en de gedachten blijven maar doormalen. Alle gebeurtenissen, vooral de minder plezierige, komen hard aan en de weerstand is gering.

De beschrijving van burnout-klachten die hierboven staat is in feite vrij oppervlakkig. Het is alleen een beschrijving van de meest zichtbare symptomen. De meesten van ons weten wel hoe burnout er op het eerste gezicht uit ziet en veel mensen kennen ook personen met dergelijke klachten in hun eigen omgeving. Daarmee is echter nog niet veel verklaard of uitgelegd.

In dit artikel wil ik wat meer inzicht geven in de beschrijvingen en de geschiedenis van burnout en aanverwante klachten. In het hierop volgende artikel zal ik dan een verdere toelichting geven op de bestaande theoretische verklaringen en daarvan afgeleide manieren van aanpak van deze problemen.

Burnout is een term die tegenwoordig in het dagelijks spraakgebruik is ingeburgerd voor de bovengenoemde klachten. Het is oorspronkelijk een woord uit de ‘pop-psychologie' van de jaren zestig en het had oorspronkelijk specifiek betrekking op de toestand van mensen die verzwakt waren door veelvuldig drugsgebruik en de bijkomende fysieke en emotionele uitputting.

Deze vroege betekenis van het begrip werd al snel vervangen door een bredere betekenis. Het begrip burnout kreeg al snel betrekking op toestanden van vermoeidheid, gespannenheid en uitputting in het algemeen, ongeacht de oorzaak daarvan. In deze vorm gebruiken we het begrip ‘burnout' tegenwoordig ook.

Gewoonlijk verwijst dit begrip ‘burnout' verder nog naar de psychische toestand van iemand die heel wat energie in allerlei zaken heeft gestoken die maar weinig opgeleverd hebben. Zo iemand is ‘opgebrand'; er is heel veel energie uitgegeven, maar dit heeft niet zo veel opgeleverd en er zijn maar weinig positieve, stimulerende dingen voor teruggekomen.

In bepaalde gebieden van de U.S.A. beschreef men met name vrouwen met burnoutklachten ook wel - op een grove manier – als vrouwen die ‘een dood nest zogen'. In het Nederlands zou je ook over zowel mannen als vrouwen kunnen zeggen dat het mensen zijn die ‘aan een dood paard trekken'. De energie wordt besteed aan dingen die weinig tot niets opleveren.

Burnout is nog altijd in de eerste plaats een populair begrip. Dit begrip wordt wel herkend in de psychologische en medische wereld, maar meestal zullen vakspecialisten andere termen gebruiken om de bovenbeschreven verschijnselen te beschrijven. Dat heeft vooral te maken met een gebrek aan theoretische inkadering van het begrip ‘burnout'.

Het lijkt nog het meest op ‘overspannenheid', surmenageklachten. Het begrip ‘overspannenheid' is in het hedendaagse taalgebruik op het vakgebied van de gezondheidszorg echter een iets zwaarder begrip. Het gaat dan om een toestand waarin iemand zo uitgeput en gespannen is dat er werkelijk vrijwel niets meer mogelijk is. In het populaire spraakgebruik echter heeft ‘burnout' de betekenis van ‘overspannenheid' gekregen.

Echter, het begrip ‘burnout' blijft zijn oorspronkelijke relatieve vaagheid behouden. De kern van het probleem is wel duidelijk, maar het is niet goed duidelijk wat er dan nog wel mogelijk is en wat niet meer.

Zo kunnen clienten met burnoutklachten misschien niet meer werken, maar ze zijn nog wel in staat om heel andere dingen te doen, dingen die niets met het wezenlijke probleemgebied te maken hebben. Ze kunnen misschien heel goed hun hobbies uitoefenen, maar ze ‘storten in' als ze hun alledaagse werkzaamheden moeten uitoefenen.

Ze kunnen bijvoorbeeld nog heel goed winkelen in de stad, maar adminstratieve werkzaamheden vallen hen te zwaar; of ze kunnen prima routinewerkzaamheden uitvoeren, maar denkwerk is te veel gevraagd. Of net andersom: ze kunnen heel goed onverwachte, zelfs gecompliceerde problemen oplossen, maar routinewerk is onverdraaglijk geworden; of als ze vroeger heel sociaal waren dan verdragen ze nu misschien het gezelschap van anderen nauwelijks; als ze altijd heel autonoom waren dan kunnen ze nu misschien nauwelijks meer iets doen zonder hulp van anderen in te roepen, etcetera.

Heel wat burnoutclienten zullen deze situatie herkennen. Niet iedereen is zo volledig uitgeput dat zelfs opstaan of een eenvoudige boterham smeren al te zwaar zijn (‘echte' overspannenheid). Velen voelen zich best goed als ze maar dingen doen die niets te maken hebben met hun alledaagse verplichtingen. Het gaat echter mis als ze bepaalde specifieke activiteiten, die ze voortdurend al moeten verrichten, in opdracht van de baas of in opdracht van zichzelf, moeten of willen uitvoeren.

Het probleem speelt vooral op als de desbetreffende activiteiten toch al niet zo bevredigend voor deze mensen zijn. Voor ieder afzonderlijk mens zal het dan om een ander soort zaken gaan.

Dit alles is heel interessant als beschrijving van de aard van het probleem. Het zal u echter duidelijk zijn dat deze uiterlijke beschrijvingen nog altijd weinig verklaring bieden voor de achtergronden, aard en oorsprong van burnout of overspannenheid. Omdat dit diepere inzicht ontbreekt is het op basis van deze beschrijvingen ook niet zo duidelijk wat er dan het beste aan gedaan zou kunnen worden.

Men gelooft vaak dat burnoutklachten typisch iets van de moderne tijd zijn. Dit is echter beslist niet het geval. Het is alleen het woord ‘burnout' dat betrekkelijk modern is. Ditzelfde soort klachten bestaat al veel langer, maar in het verleden werden dergelijke problemen gewoonlijk met andere termen aangeduid. In feite bestonden er in het verleden geen termen die zo kort en krachtig de lading dekten als dit populaire begrip ‘burnout', maar desondanks waren deze typische burnoutverschijnselen al veel langer bekend. Echter, de oudere opvattingen bevatten in een aantal gevallen wel veel diepgaander verklaringen – die echter wel omstreden zijn.

Dit karakteristieke beeld van uitputting, dit verlies van energie, met bijkomende gespannenheid en met bijkomende kwetsbaarheid en gevoeligheid voor alle indrukken, die zich meestal manifesteert in de vorm van prikkelbaarheid of somberheid, is al bekend sinds de begintijd van de klinische psychologie en psychiatrie in de loop van de 19 e eeuw. In het verleden gebruikte men hier echter andere aanduidingen voor.

Het is wel interessant om de geschiedenis van deze vroegere begrippen kort na te gaan, omdat dit nieuwe invalshoeken vanuit andere perspectieven kan bieden. De meeste mensen zijn nog wel bekend met de betrekkelijk recente begrippen ‘overspannen', ‘oververmoeid', of ‘overwerkt'. Deze begrippen zijn zo concreet als maar mogelijk is: ze geven vrij precies aan wat er mis is. Het traditionele begrip uit de psychologie is ‘neurasthenie', een begrip uit de vroegere tijd van de psychologie, dat niet zo vaak meer gebruikt wordt tegenwoordig. Dit begrip had betrekking op dezelfde vermoeidheidsverschijnselen, maar het begrip was (misschien ten onrechte) belast met een aantal theoretische veronderstellingen over de achtergrond van het probleem. In de loop van de twintigste eeuw ging men twijfelen aan de theoretische veronderstellingen achter het begrip ‘neurasthenie' – dit probleem werd opgevat als een bepaald type neurotische stoornis – en als gevolg van deze twijfel gaf men de voorkeur aan een meer uiterlijke, gedragsmatige beschrijving van de verschijnselen. Dit had het voordeel dat men niet langer gebonden was aan een verklaringsmodel bij de diagnose van bepaalde verschijnselen. Dit voordeel was echter meteen ook het nadeel – nu hebben we begrippen die alleen beschrijven hoe de situatie er van buitenaf uitziet, zonder enige veronderstellingen over de oorzaak ervan.

Natuurlijk zoekt men toch ook nu weer naar verklaringen. Wat heb je er immers aan om te weten wat iets is, als je niet kunt bedenken wat de oorzaak is, en wat je er aan kunt doen? Het geven van een algemeen aanvaarde naam vergemakkelijkt de onderlinge communicatie op het vakgebied wel, maar men communiceert dan alleen nog over uiterlijke verschijnselen.

Burnout is dus allerminst een nieuw, modern verschijnsel. Alleen het woord is nieuw, maar deze psychische klacht bestaat al heel lang en is al heel lang herkend en erkend, hoewel men hier in het verleden andere namen aan gaf.

Dat brengt ons op de vraag op welke manieren je burnout zou kunnen verklaren. Deze verklaringen zijn van belang om te kunnen bepalen wat de belangrijkste redenen voor het onstaan van deze klachten zijn. Als je de oorzaken en de oorsprong weet, kun je immers het beste bepalen wat je er aan zou kunnen doen om dit probleem te verhelpen.

In de loop van de tijd zijn er verschillende verklaringsmodellen ontwikkeld. Er bestaat nog altijd geen definitieve, absolute en alleenzaligmakende verklaring voor dit verschijnsel. Ik denk dat het om te beginnen van belang is om dit feit te constateren. Juist bij een echte volkszieke, een psychische epidemie, wat burnout in feite is, bestaat de neiging om naar snelle en eenvoudige verklaringen en behandelingsmethoden te grijpen. Daar zou niets mis mee zijn, als dergelijke verklaringen en methoden ook inderdaad bestonden. Maar ze zijn er (vooralsnog) niet. Wel zijn er een aantal zinvolle en redelijk goed onderbouwde theorieën en methoden van aanpak opgebouwd rond dit probleem. Ook zijn er een aantal onmiskenbaar onzinnige en soms zelfs schadelijke theorieen van wonderdoeners in omloop, helaas. Echter, ook onder de serieuze onderzoekers bestaan er meningsverschillen en nog niemand heeft kunnen bewijzen dat zijn of haar eigen theorie nu werkelijk de definitieve oplossing biedt.

Ik heb zelf bepaalde opvattingen over burnout. Deze opvattingen worden regelmatig toegepast bij Psychologisch Centrum aan het IJ. Echter, elk individueel geval is anders en de individuele situatie dient doorslaggevend te zijn bij de analyse van de situatie en de bepaling van de behandelingsmethode. Bovendien passen sommige methoden beter bij clienten met een bepaald soort persoonlijkheid, levensstijl en achtergrond, terwijl andere methoden soms beter passen bij personen van een ander type of in een andere levensfase.

Keuze voor een bepaalde benaderingswijze blijft dus altijd een individuele afweging van geval tot geval.

In het volgende artikel wil ik, bij wijze van algemene orientatie, een kort beeld schetsen van ‘the state of the art' van psychologische theorievorming, diagnostiek, analyse en behandeling bij spanningsklachten zoals burnout en overspannenheid. Op die manier kunnen mensen die hier belang bij hebben, bijvoorbeeld clienten of partners, vrienden en familieleden van personen met burnoutklachten, zelf meedenken over dit onderwerp. Zo wordt het voor iedereen beter mogelijk om meer inzicht te verwerven in burnout en overspannenheid en om onderbouwde keuzes te maken voor de aanpak van dit probleem.

eerste pagina


Naar de website van Psychologisch Centrum aan het IJ.